Whatsapp Facebook X LinkedIn Instagram RSS feed

Geel mag weer en liefst zo veel mogelijk: De Top 10 Rudbeckia

ARTIKEL
Facebook Twitter Linkedin Whatsapp
Marlien van der Linden, maandag 14 maart 2022
384 sec


Winterhard sortiment voor tuin en openbaar groen

Geel is lange tijd not done in de tuin. Jammer natuurlijk en als het aan de redactie van Vakblad De Hovenier kan een tuin niet snel te geel zijn. Daarom beginnen we met de eerste van deze serie Vaste planten artikelen met een echte knaller op dit gebied: Rudbeckia. We kennen en gebruiken allemaal Goldsturm, maar er nog veel geels onder de zon


Tot nu toe, had geel niet echt de voorkeur om als kleur in de border toe te passen. "Nee, alsjeblieft géén geel!" is een vaak gehoorde kreet. Maar gelukkig zie je dat, "afgeblust" met grassen en andere warme najaarstinten een prachtige beplanting kan ontstaan. Doordat de plant zo sterk en makkelijk groeit en bloeit is de toepassing breed uiteenlopend. Van een kleine zonnige border tot grote vlakken in het openbaar groen, van potten op een terras tot de bekende prairietuinen, er is altijd een rede om Rudbeckia te gebruiken. De beroemde Mien Ruys heeft in haar Vaste plantenboek Rudbeckia in meer dan 10 lijstjes met diverse toepassingen opgenomen. En zij was toch de pionier onder de tuinontwerpers wat betreft de juiste plant op de juiste plaats!

Herkomst

Van origine komt Rudbeckia voor in grote delen van Noord-Amerika op open plekken zoals graslanden. Een familielid van de Asteraceae, de Asterfamilie, die vroeger bekend stond als de composietenfamilie. Er zijn 23 verschillende soorten bekend op dit continent waarvan hier alleen de winterharde soorten en cultuurvariëteiten worden beschreven. Rudbeckia hirta, die in Nederland wel wordt aangeboden, blijkt toch grote moeite te hebben om in ons land te overleven en wordt daardoor gezien als éénjarig. Wel een mooie plant want er zijn nog meer verschillende tinten in dan alleen geel, maar niet voor de lange duur, jammer.


Rudbeckia hirta, Mooi maar matig winterhard dus toepassen als eenjarig
Rudbeckia hirta, Mooi maar matig winterhard dus toepassen als eenjarig

Grond

De meest ideale omstandigheid qua standplaats is een vochthoudende, voedzame grond in de volle zon. De praktijk leert dat een wat drogere en/of een wat half beschaduwde plek ook prima voldoet. De soorten R. maxima en R. laciniata kunnen juist tegen wat meer vochtige plaatsen. De zuurgraad van de grond is niet zo van belang, grondsoort vaag, noemen we dit.


Naamgeving

Johannes en Olaf Rudbeck , vader en zoon (1639-1703 en 1660-1740) zijn de naamgevers van dit geslacht. Beiden waren werkzaam aan de universiteit van Uppsala in Zweden, als voorlopers van Linnaeus die hier ook aan verbonden was. Hij heeft ze geëerd door hun achternaam te gebruiken in zijn binaire plantennamensysteem.


(H)erkennen

De plant is over het geheel zwak tot ruw aanvoelend behaard, afhankelijk van de soort. Het heeft eirond-langwerpig blad met 3 tot 5 nerven. Soms is het blad wat ingesneden. De rand is vaak enigszins gezaagd. De hoogte van de wilde soorten kan variëren tussen de 50 en 180 cm. De bloemblaadjes zijn dus geel maar in verschillende nuances van heldergeel tot warm geel/oranje, met een gemiddelde doorsnede van een bloem van 5 tot 12 cm. Het hoofdje van de bloem waar de stampers en meeldraden zich bevinden zijn of groen(ig) of donkerbruin, ook weer afhankelijk van de soort. De bloeitijd is altijd na de langste dag, zeg juli tot vaak diep in de herfst. En de meesten bovendien langdurig, enkele maanden blijven ze doorbloeien.


Verzorging

Om de verzorging hoef je je juist geen zorgen te maken. In het voorjaar knip je de oude stengels af, kan eventueel de bosmaaier erover heen als het grote vlakken betreft. Verder moet de plant het zelf redden. Op hele arme grond kan wat organisch materiaal en/of natuurlijke meststof toe worden gediend, maar nodig is het niet persé. In het nieuwe groeiseizoen zal hij zich rustig verder ontwikkelen tot de grond helemaal bedekt is. Kind kan de was doen!


Dus duik in de mogelijkheden van de Rudbeckia:

Sortiment

Rudbeckia fulgida Goldsturm (Foto dank aan Ibulb)
Rudbeckia fulgida Goldsturm (Foto dank aan Ibulb)
1 Rudbeckia fulgida 'Goldsturm'
Binnen de soort R. fulgida bestaan verschillende ondersoorten zoals R. f. var. deamii en R. f. var. speciosa. Voor een wat natuurlijker gebruik zijn deze twee misschien wel te prefereren, maar is een zo groot mogelijke bloem een pré, dan is deze topper terecht één van de meeste bekende cultivars.
Zeer lang bloeiend, goed rechtop blijvend, ziekte ongevoelig, snel dichtgroeiend maar niet woekerend, het zijn allemaal eigenschappen die R. f. 'Goldsturm' met gemak waar kan maken.
De selectie is in de vorige eeuw benaamd door de beroemde Duitse kweker Karl Foerster, maar of het echt een cultivar is, is nog maar de vraag want hij komt na het zaaien soortecht terug. Ach, what's in the name, 'Goldsturm' is precies de juiste benaming voor deze superplant.


Rudbeckia fulgida Forever Gold  (foto Marlien van de Linden)
Rudbeckia fulgida Forever Gold (foto Marlien van de Linden)
2 Rudbeckia fulgida 'Forever Gold' ®
Een mens is altijd op zoek naar iets nieuws, nét weer een beetje anders. Dat is gelukt in de vorm van R. f. 'Forever Gold'. Hoogte van de plant is net iets lager dan R. f. 'Goldsturm'. Bloem en blad idem dito. Het verschil zitten hem in de habitus. Waar R. f. 'Goldsturm' aan de zijkant van de plant alleen stelen met blad laat zien, zit deze cultivar tot bijna aan de grond vol met bloemen, dus bolvormig. Tijdens het Plantarium van 2019 is deze nieuwe cultivar geïntroduceerd. Het is een kruising tussen R. f. 'Goldsturm en R. f. ' Little Goldstar'®.


Rudbeckia Little Goldstar  (Archieffoto DeHovenier ISU AWARD 2012)
Rudbeckia Little Goldstar (Archieffoto DeHovenier ISU AWARD 2012)
3 Rudbeckia fulgida 'Little Goldstar'®
De naam zegt het al, 'Little Goldstar' is de laagst blijvende binnen de tien toppers. Zelfde bloem en blad, zelfs net zo rijk bloeiend, maar net even te heet gewassen.
Het is een introductie van het Duitse bedrijf Jelitto en is door de CNB in Nederland op de markt gebracht. In 2011 heeft de plant een zilveren medaille gewonnen tijdens de keuring op het Plantarium in Boskoop.


4 Rudbeckia fulgida 'Blovi'® VIETTE'S LITTLE SUZY
De laatst hiergenoemde variant van fulgida is gevonden op de kwekerij van André Viette in Virginia. Deze kwekerij stond niet alleen bekend als favoriete trouwlocatie maar ook doordat ze een grote verscheidenheid aan nieuwe cultivars van Hemerocallis, (daglelie) en Paeonia (Pioenroos) hebben geïntroduceerd.
De doorsnede van de bloem is net iets kleiner en daardoor fijner van structuur dan R. f. 'Little Goldstar'. De hoogte is net iets meer maar is zoals zo vaak ook grondsoort afhankelijk. Verdere eigenschappen zijn gelijk aan Rudbeckia fulgida.


Goldquelle is gevuldbloemig en daarom zijn de bloemen niet interessant voor bijen. De stelen worden wel gebruikt door insecten om te overwinteren

5 Rudbeckia laciniata 'Goldquelle'
De bijna één meter hoog wordende stengels hebben een grijs/blauwe waas over zich. Het blad is in tegenstelling van R. fulgida glad en ingesneden. De helder gele bloem is gevuld waardoor het bekende bloemhoofdje ontbreekt, wat juist veel Rudbeckia's herkenbaar maakt. Daardoor vinden insecten de plant niet interessant als nectarbron maar kunnen ze de stelen wel gebruiken als waardplant voor hun eitjes. Prima te gebruiken als massa in de border en als snijbloem op de vaas.
Een cultivar die erg lijkt op R. l. 'Goldquelle' is R. l. 'Golden Glow'. Deze laatste wil zich wel heel makkelijk uitbreiden en wordt iets hoger dan de hiergenoemde cultuurvariëteit. Ook bij regen zal R. l . 'Golquelle' beter bestand zijn tegen uit elkaar zakken dan R. l. 'Golden Glow'.


Rudbeckia maxima (foto Marlien van de Linden)
Rudbeckia maxima (foto Marlien van de Linden)
6 Rudbeckia maxima
Een beetje vreemde eend in de bijt. Heeft blauwgroen leerachtig blad dat glad aanvoelt. Voordat de plant in bloei komt, lijkt hij meer op een uitgeschoten koolsoort dan dat je hem zou herkennen als Rudbeckia, Dat maakt de gele bloem weer goed met de grootste doorsnede van alle soorten met in het hart de bekende donkerbruine kegel. Kan een hoogte bereiken van een kleine 2 meter op voedzame grond. De habitus blijft luchtig doordat het blad maar een hoogte van 50 à 60 cm behaald. Van nature een echte prairieplant.


Herbstonne is de hoogste van onze top 10 en tikt met gemak de twee meter aan

Rudbeckia nitida Herbstsonne  (foto Marlien van de Linden)
Rudbeckia nitida Herbstsonne (foto Marlien van de Linden)
7 Rudbeckia nitida 'Herbstsonne'
De hoogst wordende Rudbeckia binnen deze top 10. Gaat met zijn lengte ruim over de twee meter. De in het Nederlands genoemde slibbladige rudbeckia maakt lancetvormig blad. De kroonblaadjes gaan al snel tijdens de bloei, naar beneden draaien waardoor dit soort makkelijk herkenbaar is, samen met de groenige recht opstaande middenkoon. Maakt een compacte pol. Groeiwijze is zeer opgaand en zal niet zo snel uiteen zakken, extreme weeromstandigheden daargelaten.


Rudbeckia subtomentosa Henry Eilers ( (foto Marlien van de Linden)
Rudbeckia subtomentosa Henry Eilers ( (foto Marlien van de Linden)
Rudbeckia Little Henry  (foto Marlien van de Linden)
Rudbeckia Little Henry (foto Marlien van de Linden)
8 Rudbeckia subtomentosa 'Henry Eilers' en 'Little Henry'
Stiekem worden deze twee cultivars van R. subtomentosa onder één nummer geschoven. Zoals de naam al verraadt, blijft R. s. 'Little Henry' opvallend lager dan zijn grote broer. 'Little Henry' wordt ongeveer 120 cm. Daardoor zal hij op voedzame grond niet zo makkelijk uit elkaar vallen. De bloei valt 2 weken eerder. R. s. 'Henry Eilers' wordt wel 180 cm hoog. Henry Eilers was eigenaar van een kwekerij in Illinois, en vond deze plant midden vorige eeuw. Past het dus beter een iets subtielere kleur geel te gebruiken, dan is Rudbeckia subtomentosa een originele en goede keuze. De bijzondere bloemvorm helpt daar nog extra bij.


Rudbeckia 'Green Wizard' (foto Marlien van de Linden)
Rudbeckia 'Green Wizard' (foto Marlien van de Linden)
9 Rudbeckia occidentalis 'Green Wizard'
Wat is de natuur toch veelzijdig; er zijn nu al acht sterke Rudbeckia's de revue gepast, en nu komt er weer één die totaal verschilt van de rest. Hoogte is ongeveer 150 cm, bloeitijd zoals de andere soorten, maar een bloeiwijze zonder de aanwezigheid van kroonblaadjes was nog niet gepasseerd. Grote opstaande donkerbruine kegels ondersteunt door een randje kelkblaadjes, die fier boven het groene gladde blad staan op stevige stelen. Daardoor blijven ze nog langer in tact dan de soorten mèt bloemblaadjes. Wanneer geel toch echt te heftig is, kan deze makkelijke plant worden ingezet in groepen of informeel "gestrooid" tussen grassen op grote open plekken.


'Prairie Glow' is geen lang leven beschoren, maar zaait zich uit. Waardoor hij een informele sfeer creëert in de prairietuin

10 Rudbeckia triloba 'Prairie Glow'
Kunnen we deze Rudbeckia soort wel opnemen in de top 10, kun je je afvragen. Want officieel is de plant tweejarig, net zoals het bekende vingerhoedskruid (Digitalis purpurea). Met wat geluk houdt hij het langer uit maar heel oud wordt hij niet. Maar is dat erg? Want hij zaait zich, mits de omstandigheden gunstig zijn vrij gemakkelijk uit waardoor hij een prettige informele sfeer kan veroorzaken in bijvoorbeeld een prairietuin. De hoogte zal rond de 120 cm worden. De grondsoort moet humusrijk en voedzaam zijn, een zonnige plek natuurlijk ook. Door de afwijkende kleur, goud/oranje/bruin in één bloem, zou het een aanwinst zijn, net als de andere soorten, tussen grassen en najaarsbloeiers.


En dàn: Wordt dit het nieuwe geluid?: "Doe toch maar geel, word je zó vrolijk van!"

Tot slot

Samenvattend kan geconcludeerd worden dat Rudbeckia een niet weg te denken geslacht is binnen het moderne vaste planten sortiment. Rijkbloeiend, stevig overeind blijvend en zelden een ziekte of plaag hebbend (zelfs ongevoelig voor konijnen- en hertenvraat) zijn al eigenschappen die graag gezien zijn bij een plant. Daarnaast trekt het bijen, vlinders, andere insecten én vogels, wat zal bijdragen aan een balans tussen flora en fauna in de tuin.
En dàn: Wordt dit het nieuwe geluid?: "Doe toch maar geel, word je zó vrolijk van!"


Zonnehoed of Rudbeckia

Volgens het nieuwe standaardwerk voor Nederlandse plantennamen (uitgeven door Nak Tuinbouw) heet de plant niet meer zonnehoed maar Rudbeckia. Eigenlijk wel prettig want het gaf toch verwarring met de Echinacea die ook zonnehoed heet.
De meest bekende, veel gebruikte Rudbeckia fulgida 'Goldsturm' is erg populair door zijn veelzijdige toepassingen. Maar er is meer in de wereld van Rudbeckia. Zijn die soorten ook zo makkelijk toepasbaar in tuin en openbaar groen? Daarom een top 10 zodat nieuwe en oude getrouwen eens tegen het licht worden gehouden.

De auteur Marlien van der Linden is werkzaam als sortimentsadviseur bij Rijnbeek and Son en verder als docent plantenkennis op de Ontwerpacademie in Boskoop. Tekst met dank aan Nico Huisman en Nico Rijnbeek.

Om te kunnen reageren moet je zijn ingelogd.   LOGIN   of maak gratis een account aan.

REACTIES
Er zijn nog geen reacties.

Tip de redactie


ONDERDELEN
Archief
Dossiers
GIP
OVER ONS
Over ons
Duurzaamheid & NWST
Contact
Het team
ADVERTEREN EN ABONNEREN
Fysiek abonnement
Digitaal abonnement
Abonneren nieuwsbrief
Adverteren
Verschijningsdata
MEER
Groenversneller
Redactionele spelregels
Algemene voorwaarden
Disclaimer
Privacy
Cookies
ONDERDELEN
OVER ONS
ADVERTEREN EN ABONNEREN
MEER