Wanneer is je hoveniersbedrijf groot genoeg? |
|
|
|
|
 |
| 234 sec |
Twee ondernemersvisies op groei, personeel en rendement
Wanneer is je hoveniersbedrijf eigenlijk succesvol? Zit dat in omzet, personeel en verdere groei, of kun je ook bewust besluiten dat het genoeg is? Tijdens de TuinKeur Klantendag kwamen beide kanten voorbij. TuinKeur-directeur Jelle Westra sprak over uurtarieven, actuele cijfers en investeren in personeel. Gastspreker Martijn Verspeek keek daarna vooral naar wat groei met een ondernemer en zijn bedrijf doet. Zijn vraag: 'Waarom moeten we eigenlijk allemaal groter worden?'
| Martijn Verspeek in gesprek met dagvoorzitter Jacob Spoelstra |
Op vrijdag 18 september kwamen ongeveer 160 hoveniers in Ruinen bijeen voor de jaarlijkse klantendag van TuinKeur, een organisatie die hoveniers ondersteunt bij onder meer bedrijfsvoering en kwaliteit. Een belangrijk deel van het programma draaide om ondernemen: wat kost een medewerker, welk uurtarief heb je nodig en hoe richt je een bedrijf zo in dat het bij jou past?
Jelle Westra, directeur van TuinKeur, keek vooral naar de cijfers achter het hoveniersbedrijf. Martijn Verspeek benaderde het ondernemerschap vanuit een andere hoek. Hij heeft een installatiebedrijf in Valkenswaard met ongeveer dertig medewerkers en kiest bewust voor weinig regels en veel vertrouwen.
 | | Jelle Westra |
|
|
|
|
'We moeten wel geld vragen voor ons werk'
| |
|
Westra begon dicht bij de dagelijkse praktijk van hoveniers: wat vraag je voor een uur werk? In gesprekken voorafgaand aan de klantendag kwamen volgens hem tarieven tussen 53 en 63 euro exclusief btw voorbij. 'Wat heel opvallend is om te zien, is de grote spreiding daarin. Ik denk dat die tarieven verder gaan stijgen. Dat vinden jullie lastig, dat begrijp ik. Maar het is uiteindelijk wel wat je moet hebben. Er valt aan het tarief niet te ontkomen.'
Daarbij hoeft een ondernemer volgens hem niet te wachten op de traditionele prijsverhoging aan het begin van het jaar. 'Ik heb de afgelopen weken een paar mensen geadviseerd: doe per 1 oktober gewoon 1,50 euro erbij, zodat je in januari geen sprong van 4 euro hoeft te maken. Iedereen moet daar zelf naar kijken. Maar uiteindelijk zijn we geen sociale werkplaats. We moeten wel geld vragen voor ons werk.'
Daarvoor moet een ondernemer volgens Westra wel weten hoe het bedrijf ervoor staat. 'Zorg alsjeblieft dat je die cijfers op orde hebt. Van sommigen krijgen we cijfers uit 2024. Dan kom je bijna met cijfers uit de tijd van Juliana. Als je wilt veranderen, wilt blijven bestaan of wilt groeien, probeer dan op zijn minst je cijfers bij te houden.'
Geld verdienen én geld durven uitgeven
Goede cijfers zijn volgens Westra niet alleen nodig om tarieven te bepalen. Ze geven een ondernemer ook ruimte om bewust te investeren. Bijvoorbeeld in personeel. Het tekort aan vakmensen betekent volgens hem dat hoveniers niet kunnen blijven wachten tot er een volledig opgeleide medewerker aanklopt. 'Er is geen of heel weinig vakbekwaam personeel beschikbaar. Jullie zullen dus zelf meer moeten opleiden en zelf meer moeten begeleiden.'
 | | Comedian Jacob Spoelstra was dagvoorzitter tijdens de TuinKeur Klantendag |
|
|
Westra stelt voor om een nieuwe medewerker net als een machine als investering te bekijken. 'Volgens mij kun je beter een paar tienduizend euro investeren in het opleiden van een personeelslid waar je de eerste zes maanden niks aan verdient. Zeg gewoon: ik verdien zes maanden niks aan jou. Loop maar lekker met ons mee. Je hoeft nog niks op te leveren. Leer, doe je ding, groei.'
Hij maakt dat ook concreet. 'Pak bijvoorbeeld 15.000 euro en zet dat apart. Iedere maand boek je daar iets vanaf. Als je er zo naar kijkt, wordt het een stuk makkelijker. Met hetzelfde gemak schaffen ondernemers een shovel aan van 30.000 euro. Daar hoor je vervolgens niemand meer over. Waarom zou je een medewerker niet ook als investering bekijken?'
'Ik wilde juist met mensen werken'
Later op de dag kwam personeel vanuit een andere hoek terug. Martijn Verspeek groeide op in een ondernemersgezin. Zijn vader had een installatiebedrijf zonder personeel. Verspeek wist al jong dat hij het bedrijf wilde overnemen, maar wilde het op één punt anders doen. 'Mijn vader had geen personeel. Die had echt een hekel aan personeel. In het leger had hij 25 mensen onder zich gehad, heel hiërarchisch. Toen dacht ik: als ik dadelijk het bedrijf overneem, wil ik het anders. Ik vind mensen leuk, ik vind psychologie leuk en ik hou van gepassioneerde mensen.'
|
|
'Je hoeft nog niks op te leveren. Leer, doe je ding, groei'
| |
|
Inmiddels werken er ongeveer dertig mensen bij zijn bedrijf. Bij het aannemen kijkt Verspeek niet alleen naar vakkennis. 'Wat bij ons heel belangrijk is: je moet een goede vent zijn met heel veel passie voor ons vak, anders kom je er niet werken. Ik wil weten wat voor iemand je bent.'
Investeren begint met vertrouwen
Dat vertrouwen begint volgens Verspeek direct bij de indiensttreding. Hij zet zich af tegen een route van proeftijd naar tijdelijke contracten. 'We kunnen niet aan mensen komen. Dan hebben we eindelijk iemand binnen en beginnen we met twee maanden proeftijd. Daarna een halfjaarcontract. Nog een keer wantrouwen.' Nieuwe medewerkers krijgen bij zijn bedrijf naar eigen zeggen direct een vast contract en bedrijfskleding met hun naam erop. 'Iedereen die bij ons is komen werken, kreeg meteen een vast contract. Als je iemand aanneemt, begin dan ook met vertrouwen. Bij ons krijg je meteen je kleding met je naam erop. Vijf broeken, vijf shirtjes, alles erop en eraan. Ga je weg? Dan moet ik misschien iemand zoeken met dezelfde naam. Dat zien we dan wel weer.'
|
|
'Als je te groot wordt, verlies je de ziel van je bedrijf'
| |
|
Maar investeren in personeel betekent voor Verspeek niet dat een bedrijf eindeloos moet blijven groeien. Volgens hem wordt groei onder ondernemers vaak uitgedrukt in meer omzet en meer medewerkers. 'Bij heel veel mensen, en zeker bij ondernemers, zit groei in het aantal mensen en in omzet. Dan maken ze een strategie: volgend jaar twee mensen erbij en de omzet omhoog.'
Zelf heeft hij besloten die lijn niet te blijven volgen. 'Het geluk van de eigenaar gaat op een gegeven moment vaak juist de andere kant op. Zeker als je richting vijftig of zestig mensen groeit. Dat wil ik niet. Ik vind het geluk van het bedrijf en mijn eigen geluk redelijk belangrijk.'
Zijn installatiebedrijf telt nu ongeveer dertig medewerkers. Volgens Verspeek is er genoeg werk om verder te groeien en staan er zelfs mensen op een lijst die graag bij het bedrijf willen werken. Toch trekt hij bewust een grens. Om uit te leggen waarom, vergelijkt hij zijn bedrijf met een oudbruin café. 'Ik ben verliefd op zo'n ouderwets café. Zo'n kroeg moet nooit groter worden, want dan verlies je de ziel. De eigenaar staat achter de bar, er zit een spaarkast, de fiets hoeft niet op slot en er staat geen beveiliging voor de deur.'
Dat gevoel wil hij ook binnen zijn eigen bedrijf behouden. 'Als dat café ineens een verdieping erop zet, een balzaal erachter bouwt en de buurman erbij koopt, dan verliest het zijn ziel. Dat wil ik met ons bedrijf niet. Ik wil de mensen kennen. Ik wil weten wat er gebeurt.'
De ruimte om verder te groeien is er dus wel. Verspeek kiest er alleen bewust voor die niet te gebruiken. 'Het is ontzettend druk en de verleiding om verder te groeien is heel groot. Maar we gaan niemand meer aannemen. Dat is een keuze die ik maak.'
| LOGIN
met je e-mailadres om te reageren.
|
|
|
| Er zijn nog geen reacties. |
|